Molukkers

Na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1951 bracht de Nederlandse regering Molukse militairen met hun gezinnen naar Nederland.

De Molukkers zouden tijdelijk in Nederland verblijven en daarom werden zij ondergebracht in kampen, die later woonoorden werden genoemd. Deze kampen bestonden meestal uit barakken die tijdens de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) en de daarop volgende wederopbouw waren gebruikt.

Van woonoord naar woonwijk

Toen bleek dat de Molukkers langdurig in Nederland zouden blijven, veranderde het overheidsbeleid van een opgelegd isolement in woonoorden naar een gedwongen integratie in de vorm van kleine Molukse wijken binnen nieuwbouwwijken. In totaal werden er 65 van deze woonwijken in Nederland gebouwd. In Zeeland kwamen die in Oost‑Souburg, Koudekerke en Middelburg.

Molukkers in bronnen

De overkomst van de Molukkers en de eerste opvang in de woonoorden werd geheel geregeld door de Rijksoverheid, uitgevoerd door het Commissariaat Ambonezenzorg (CAZ). Dit orgaan was van 1953 tot 1970 intensief betrokken bij het leven van de Molukkers. Het archief berust bij het Nationaal Archief in Den Haag. Gemeentelijke en provinciale organen hadden hiermee minimale bemoeienis. Incidenteel zijn stukken te vinden in de archieven van de gemeenten met Molukse woonoorden. Voor de gemeenten Middelburg en Veere bevinden die archieven zich in het Zeeuws Archief, voor de woonoorden in de gemeente Vlissingen in het Gemeentearchief Vlissingen.

Tip Wees bij het zoeken naar bronnen over Molukkers in de eerste decennia na hun aankomst er op bedacht dat de Molukse migranten destijds werden aangeduid met de benamingen ‘Ambonezen’ en ‘Zuid‑Molukkers’.

Literatuur

  • H. Smeets, C. Nanuruw, Molukkers in Zeeland 1951-2009 (Utrecht, Museum Maluku 2009)
  • H. Smeets, Molukkers in Nederland. Historische Reeks Moluks Historisch Museum (MHM) (Utrecht 1992).
  • F. Steijlen, ‘Het archief van het Commissariaat Ambonezenzorg’, in: Archievenblad 106 (2002) 6 (augustus) 18‑23.