Verhalencafé - Bewaren voor de eeuwigheid

Anneke van Waarden-Koets

Bewaren of weggooien? Het is een vraag van alledag. Sommige papieren zijn het waard om te bewaren voor de eeuwigheid. Heb jij zo’n bijzonder document in jouw persoonlijke archief? Kom er dan over vertellen tijdens het Verhalencafé Bewaren voor de eeuwigheid in het Zeeuws Archief op 17 april 2019. Met deze tekst nodigden het Zeeuws Archief en Erfgoed Zeeland, namens Zeeuwse Ankers, mensen uit om het verhaal te komen vertellen dat verbonden is aan een document uit hun eigen archief. Een kleine 10 deelnemers kwam vertellen en luisteren.

Rantsoenenbriefje uit het kamp

“Wij vinden dit zo’n bijzonder papiertje, oom Dick heeft het zelf geschreven en altijd bewaard. Nu hebben wij het geërfd en wij vinden dat dit document het waard is om voor eeuwig te bewaren.” Een echtpaar bracht een herinneringsboek mee, vol gegevens en verhalen over het leven van hun oom Dick. In dat album zit een piepklein papiertje, waarop met potlood de rantsoenen in het Wilhelminakamp in Singapore (opvangkamp voor ex-krijgsgevangenen) zijn geschreven.

Het echtpaar heeft het herinneringsboek zelf samengesteld met documenten van en over hun oom Dick. Die had als marconist gevaren bij de Koninklijke Pakketvaart Maatschappij (K.P.M.) en was tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Japanners gevangen genomen, in verschillende kampen geïnterneerd geweest en te werk gesteld aan de Birmaspoorweg.

Na de bevrijding kwam hij terecht in het Wilhelminakamp in Singapore, waar toen Nederlandse ex-geïnterneerden werden opgevangen. “Dat was ook was ook het eerste kamp waarin oom Dick geïnterneerd werd. Toen zal het wel niet Wilhelminakamp geheten hebben.”

Oom Dick sprak niet of nauwelijks over de oorlogsjaren. In enkele regels heeft hij opgeschreven wat hij in de oorlog heeft meegemaakt en in welke kampen hij heeft gezeten. De familie heeft veel gegevens verzameld over de K.P.M., het schip waarop oom Dick voer en de kampen waarin hij geïnterneerd is geweest, door op internet te zoeken. “Wij weten misschien daardoor nu meer dan oom Dick ooit geweten heeft.”

Het herinneringsalbum gaat later naar hun zoon, die het goed zal bewaren. “Mocht hij, of zijn kinderen, er niets meer mee willen, kan het misschien naar een archief.”

 

Verhalen vertellen in de tapijtenkamer van het Zeeuws Archief. Foto: Edwin Mijnsbergen/Wij Zijn De Stad.

Ansichtkaarten van Breskens

Een van de deelnemers had een ansichtkaartenserie over Breskens voor en na de Tweede Wereldoorlog meegenomen. De serie was gemaakt in opdracht van de beheerder van Camping Zeebad, waar haar overgrootvader en opa werkten. De serie werd aan campinggasten verkocht. “Oma heeft dat mapje met ansichtkaarten altijd bewaard, ook toen opa al was overleden. Ze heeft het nu aan mij gegeven. Mijn grootouders hebben het altijd bewaard. Het hoort bij onze familiegeschiedenis en daarom vind ik dat het voor eeuwig bewaard moet blijven.” De deelnemers aan het Verhalencafé bekeken de serie aandachtig. Grote verschillen tussen Breskens voor en na de oorlog!

Tijdens de oorlog vluchtte het gezin naar Biervliet. Na de oorlog trokken ze door naar Veere. Hier leerde opa zijn latere vrouw uit Middelburg kennen. “Oma vertelde dat overgrootvader eigenaar was van de puffabriek (vismeelfabriek). Mijn opa werkte hier totdat de fabriek de deuren moest sluiten, vanwege de sluiting van het Veerse Gat. Op zijn achttiende verjaardag had mijn opa wat geld gekregen, waarmee hij een beroemde Veerse kunstenaar opdracht had gegeven een schilderijtje van de puffabriek te maken. Dat schilderijtje hangt nog steeds bij oma thuis. Ook dat is het bewaren waard!”

 

Ansichtkaart Oude haven te Breskens, 1938-1939. Privécollectie.

Persoonlijk archief van moeder

“Mijn moeder heeft vanaf haar achttiende jaar tot aan haar overlijden dagboeken bijgehouden. De eerste dagboeken kwamen we pas tegen toen ze overleden was en wij het huis moesten leegruimen”, vertelt een andere deelnemer van het Verhalencafé. Een leven te boek gesteld. “Heel bijzonder. Mijn moeder schreef ook over onze jeugd, waarvan we zelf soms al gebeurtenissen waren vergeten.” Moeder hield ook vakantiejournaals bij. Ze correspondeerde met heel veel mensen en heeft zo goed als alle correspondentie bewaard. Het persoonlijke archief van moeder geeft een prachtig tijdsbeeld.

De familie vond de nalatenschap van moeder het bewaren waard, maar het was zo veel, dat geen van de familieleden er voldoende plaats voor had. In overleg met elkaar is besloten alle persoonlijke stukken naar een archiefinstelling te brengen. “Ze heeft overal gewoond, dus hebben we haar complete persoonlijke archief aan het Nationaal Archief aangeboden om het op te nemen in de archiefbewaarplaats, wel met een voorlopig raadpleegembargo. Zo blijft het goed bewaard en kan het later worden gebruikt worden voor onderzoek.”

Foto van overgrootouders

“Deze foto toont mijn overgrootouders. Ze zijn beide in klederdracht. Ik ken alle meubels die er staan, enkele staan nu bij mij thuis. Het lijkt net of het altijd zo geweest is, maar dat is niet zo”, vertelt een deelneemster. Haar overgrootouders woonden op een boerderij op Walcheren en raakten tijdens de inundatie in 1944 alles kwijt. In een andere plaats bouwden ze een nieuw leven op in een nieuw huis met een nieuwe inrichting. “Ze hadden echt helemaal niets meer. Voor hun nieuwe huis kregen ze spulletjes van de H.A.R.K., de Nationale ‘Hulp Actie Roode Kruis’. Het ontroert me ze zo te zien zitten. Ze hebben zoveel meegemaakt. Achter één kleine foto zit een groot verhaal, dat de moeite van het bewaren waard is.”

“Maar ik wil ook nog iets anders laten zien.” De deelneemster vertelt hoe zij op basis van dagboeken van een katholieke geestelijke een boekje schreef over hem en het meisjesinternaat waarvan hij rector was. Ze interviewde daarvoor verschillende vrouwen. Pas later kwam het misbruik in de katholieke kerk in de openbaarheid. “Op het moment van dit onderzoek speelde dit nog niet. Nu zou ik het onderzoek heel anders hebben aangepakt en zou ik de vrouwen ook, heel voorzichtig natuurlijk, andere vragen hebben gesteld.” Ze geeft aan dat onderzoek doen tijdsgebonden is en mede afhankelijk van de kennis die je hebt.

 

Rekening voor geleverde zorg, begin jaren zestig twintigste eeuw. Privécollectie.

Rekeningen voor geleverde zorg

Een van de deelnemers aan het verhalencafé heeft een fotoalbum meegenomen. “Mijn moeder heeft een babyboek van mij bijgehouden met foto’s, knipsels, en vooral verhalen over gebeurtenissen. Ze heeft het in de ik-vorm geschreven, alsof ik het zelf vertel. Het is me heel dierbaar.” In het album zijn enkele rekeningen opgeplakt. “Waarom ik dit babyboek heb meegenomen is omdat er rekeningen inzitten die een beeld geven van de kosten voor de kraamzorg.”

Ze is begin jaren zestig van de twintigste eeuw in een kraamkliniek geboren en moeder heeft de rekeningen in het album geplakt, met het logo en de adresgegevens van de kraamkliniek. Eén ligdag 2de klas kostte fl. 19,10. Voor één dag extra 2de klas werd fl. 0,25 gerekend. Het gebruik van de verloskamer kostte fl. 12,50. “Mijn moeder vertelde ooit dat er later nog een naheffing kwam van fl. 0,01 cent voor het gebruik van een watje. Daar moest ze erg om lachen. Het bedrag voor laten opmaken, versturen en bezorgen van de rekening en het administreren van de betaling zal vele malen hoger geweest zijn. Normaal gesproken bewaar je rekeningen en bonnetjes niet, maar je haalt er wel veel informatie uit.”

Bewaren of weggooien?

Hierop inhakend gaf de aanwezige archivaris een toelichting op het bewaar- en vernietigingsbeleid van archieven. Meestal worden de bijlagen bij de rekeningen – met een moeilijk woord acquiten – genoemd, niet bewaard, maar bij sommige archieven, zoals van de Rekenkamer van Zeeland, zijn ze wel bewaard. Juist die bijlagen geven interessante informatie. Bijlagen kunnen ook belangrijk bewijs leveren. Denk maar eens aan het ‘bonnetje van Teeven’.

Egodocumenten in het archief

Tot slot van het Verhalencafé werd de deelnemers een rondleiding door het archiefdepot aangeboden. Daar was een kleine gelegenheidsexpositie van egodocumenten* ingericht. Net als de documenten die de deelnemers aan het Verhalencafé hadden meegebracht, vertellen de egodocumenten die in de archiefdepots worden bewaard, ook een verhaal.

  • Liber amicorum uit het archief van de familie De Jonge, 1859.
  • Timmermansaantekeningen van Jacob Verburg uit Borssele,1871-1924, uit de verzameling aanwinsten.
  • Dagboek en genealogie “van de familie van Brouwer”, 1769-1818, vervaardigd door de Middelburgse wijnkoopman Hendrik Brouwer, uit het archief van de familie Brouwer.
  • Dagboek van de Middelburgse burgemeester Jacob Hendrik Schorer, bijgehouden 1809-1810, uit het archief van de familie Schorer.
  • Een vermanende brief van een vader aan zijn “Zeer lieve dogter!”, 1787, en een rouwgedicht bij haar overlijden, 1811, uit het archief van de familie Mathias Pous Tak van Poortvliet.
  • Album amicorum, brieven en een portrettendoosje, midden negentiende eeuw, uit het archief van de familie Ball.
  • Oorlogsdagboekjes 1940-1945 van de directrice van het Gasthuis, Janke Terwal, uit de collectie Oorlogsdocumentatie.

Door de verhalen in deze egodocumenten te lezen of erover horen vertellen, kijken we door de ogen van de schrijvers naar hun tijd en beleven we de gebeurtenissen in hun leven mee.

Uit de waarderende en enthousiaste reacties van de deelnemers bleek dat we kunnen terugkijken op een geslaagde editie van het Verhalencafé in het Zeeuws Archief.

 

Bladzijden uit het dagboek van de Middelburgse wijnhandelaar Hendrik Bouwer, 1769-1818. Zeeuws Archief, Familiearchief Brouwer, toegang 1753, inventarisnummer 1.

Verhalencafé

Een Verhalencafé is een ontmoetingsplek voor mensen die een verhaal willen vertellen en mensen die benieuwd zijn naar deze verhalen. Het Verhalencafé is informeel, kleinschalig en persoonlijk. Het kan overal worden georganiseerd, al dan niet in het kader van een thema of rondom een bepaald onderwerp. In deze vorm heeft het Verhalencafé tot doel dat ze mensen door middel van verhalen verrijken en verbinden.

De editie Bewaren voor de eeuwigheid van het Verhalencafé werd georganiseerd door Zeeuwse Ankers in het Zeeuws Archief.

Informatie

Nieuwsbericht over het verhalencafé ‘Bewaren voor de eeuwigheid’ op de website van het Zeeuws Archief.

Nieuwsbericht over het verhalencafé ‘Bewaren voor de eeuwigheid’ op de website van Zeeuwse Ankers.

Interview met Remco van Schellen op Omroep Zeeland bij het programma Zeeland Wordt Wakker.

Berichtgeving op de website van Wij Zijn De Stad.

Verhaal over het bombardement op Breskens op de website van Zeeuwse Ankers.

Verhalen dagboeken Brouwer en Schorer op de website van Wij Zijn De Stad.

Verhaal over de vermanende brief van een vader aan zijn dochter op de website van Wij Zijn De Stad.

Verhaal over de vermanende vaderlijke brief op de website van het Zeeuws Archief.

Verhalen over Jacob Hendrik Schorer op de website van het Zeeuws Archief.

Verhaal over de dagboeken van Gasthuisdirectrice Janke Terwal.

Website Onderzoeksinstituut Egodocument en Geschiedenis.

 

*Egodocumenten: praktische verzamelnaam voor autobiografische genres als dagboeken, autobiografieën, memoires, persoonlijke brieven, en reisverslagen, die ondanks hun uiteenlopende vorm toch onder één noemer kunnen worden gebracht. Bron: Egodocumenten.net.

Met dank aan Edwin Mijnsbergen/Wij Zijn De Stad en Remco van Schellen/Omroep Zeeland voor het gebruik van de foto en het radio-interview.