Vandaag 258 jaar geleden aan boord van de Eenigheid

Vandaag 258 jaar geleden aan boord van het slavenschip de Eenigheid gebeurde er volgens het logboek weinig. Niemand van de 315 gevangenen en 31 bemanningsleden overleed. Dat was geen regel, eerder een uitzondering.

Bij trans-Atlantische slavenhandel overleden de meeste slaafgemaakten tijdens de oversteek over de Atlantische Oceaan van de kust van West-Afrika naar de koloniën in het Caraïbisch gebied. Aan boord van de Eenigheid, een snauwschip van bijna 23 meter lengte, maakten de gevangen Afrikanen in benarde omstandigheden benauwde uren door. De chirurgijn probeerde iedereen in leven te houden.

Op 8 juni 1762 gebeurde er dus weinig. De lucht was mistig, nevelig, maar de wind was goed. De Eenigheid was 8 mei 1762 van de kust vertrokken. In Fort Elmina, Ghana, waren 30 april 1762 de laatste slaafgemaakten gekocht. De kapitein betaalde de tien mannen met goederen: geweren, buskruit, kostbare textielsoorten en vijf dozijn driehoekige hangsloten. Die zelfde dag kocht hij 9 grote watervaten die elk 155 liter konden bevatten.

Voor de oversteek werd zoveel mogelijk drinkwater ingenomen. Gewoonlijk werd dat door werknemers van het fort aan boord gebracht. Een dodelijk incident maakte daar voor de Eenigheid een einde aan. De rest van het drinkwater moest door de bemanningsleden zelf worden gehaald. Dat was geen gemakkelijke opgave, de branding voor de kust was sterk en gevaarlijk. Het wemelde er van de haaien, zoals eerder iedereen had kunnen zien.

Toen de Eenigheid eindelijk kon vertrekken, was het schip tot de kielgaten gevuld; er waren 319 tot slaaf gemaakte Afrikanen aan boord, 33 bemanningsleden, 42 grote vaten met drinkwater, voorraden proviand en brandhout en bijna 4000 pond ivoor.

De reis over de Atlantische Oceaan duurde ongeveer twee maanden. Vanuit de top van de mast kreeg een matroos 25 juni 1762 het eerste land in zicht: ‘de cust van America’ was bereikt. Een behouden vaart voor het schip, maar niet voor alle mensen aan boord.

De Eenigheid bereikte 6 juli 1762 de monding van de rivier van Berbice, Guyana. Van de 319 tot slaaf gemaakte Afrikanen bij vertrek waren er nog 299 in leven. De eersten van hen werden 21 juli 1762 verkocht per veiling. Dat gebeurde in de aanwezigheid van 41 plantagehouders die onder het genot van een wijntje, een glas bier en een pijp tabak toekeken en af en toe meeboden.

Nadat 66 mensen van eigenaar verwisseld waren, liet de ontevreden kapitein de veiling stil leggen. De opbrengst was veel te laag vond hij. Alle slaafgemaakten werden weer ingeladen, waarna de Eenigheid vertrok naar een andere locatie in Guyana, enkele weken varen verderop in Essequibo, waar zij 19 augustus 1762 opnieuw ter veiling werden aangeboden.

Slavenreis van de Eenigheid

De gebeurtenissen aan boord van het slavenschip de Eenigheid zijn van dag tot dag te volgen via dit blog.

eenigheid.slavenhandelmcc.nl

Archief over slavenhandel

Het Zeeuws Archief beheert het archief van de Middelburgse Commercie Compagnie. Het archief is volledig gedigitaliseerd en online in te zien.

www.zeeuwsarchief.nl