Rechts naast een monumentale entree met zuilen staat een groene kastanjeboom.

De kastanjeboom van Zierikzee

De paardenkastanje naast de Nieuwe Kerk te Zierikzee is moeilijk over het hoofd te zien. Al sinds mensenheugenis markeert hij met zijn dikke takken het kerkplein. Over zijn geschiedenis was weinig bekend maar uit recent archiefonderzoek is niet alleen duidelijk geworden wanneer de boom is geplant maar ook waar letterlijk de ‘roots’ liggen.

De aanplant van de kastanje staat niet op zichzelf maar maakt deel uit van een doordacht plan een lommerrijke lusthof rondom de kerk te creëren.

Brand en herstel

Rondom de Sint-Lievensmonsterkerk staan omstreeks 1750 talloze bomen. De kerk brandt in 1832 volledig af. Zeeuws Archief Zierikzee, THA-1576.

In de nacht van 6 op 7 oktober 1832 gaat de Sint-Lievensmonsterkerk in vlammen op. De hoge en zware iepen die rondom de kerk staan voorkomen erger onheil door een groot deel van de vonkenregen op te vangen. De herbouw van de kerk heeft veel voeten in de aarde en duurt tot 1848. Ook de groenvoorziening dient volledig op de schop te gaan.

De iepen hebben veel te lijden gehad van de verzengende vlammenzee en zijn niet meer te redden. Op 25 januari 1847 worden deze bomen, ‘geschikt voor werkhout’, geveild door de notaris Jacob Jan Ermerins. Het terrein rond de in aanbouw zijnde kerk is als gevolg van de brand verworden tot een troosteloze, kale vlakte maar daar komt snel verandering in.

Door het Fonds der Onderlinge Waarborgvereniging voor Arbeiders en Werklieden wordt bij wijze van werkverschaffing in de winter van 1847/48 het terrein ‘geaplaneerd’ (geëgaliseerd) en beplant met bomen, struiken en gras. Ten noorden van de Nieuwe Kerk (op 22 mei 1848 feestelijk in gebruik genomen) is ruimte gelaten om in de toekomst ‘geweldige boomen te planten, want op dit oogenblik is er geen geld in de piezel, en den volke wil ook niet meer geven’.

‘geweldige boomen te planten, want op dit oogenblik is er geen geld in de piezel, en den volke wil ook niet meer geven’

— Anonieme briefschrijver

Voor ‘het onderhouden en zuiver houden van het thans beplante gedeelte van het plein […] en het korthouden der grasperken en randen en het regtzetten der boomen en plantsoenen’ wordt de tuinier Pieter Manni in dienst genomen. De groenvoorziening wordt in de loop van 1848 verder uitgebreid zodat het kerkplein metamorfoseert tot een groene oase. Een gegeven dat door de jeugd van Zierikzee niet op waarde wordt geschat zo blijkt uit een klaagschrift van het college van kerkvoogden.

Tientallen populieren sieren het kerkplein in 1921. Beeldbank RCE, 004-789.

Vernielzucht

Op 4 april 1849 schrijft het college een brief aan het stadsbestuur van Zierikzee over de vernielzuchtige jeugd. Het pas aangelegde plantsoen dat de Hervormde Gemeente een aanzienlijke duit heeft gekost, wordt geruïneerd door jongeren die er doorheen lopen en jonge boompjes afknotten. De gemeente vaardigt weliswaar een publicatie uit maar de problemen zijn daarmee niet uit de wereld.

Een bewoner van de Varremarkt stuurt in juni 1849 een open brief naar de Zierikzeesche Nieuwsbode waarin hij zijn ongenoegen duidelijk laat blijken. Het plantsoen wordt nog steeds vernield, verminkt of geheel ontworteld  maar wanneer iemand de moed opvat er iets van te zeggen, zelfs als dat een fatsoenlijk man betreft, loopt hij ‘gevaar ongestraft de huid te worden vol gescholden’.

De briefschrijver vraagt de politie op te treden zodat ‘hetgeen van stadswege zelve ter verfraaiing onzer stad en pleinen wordt aangewend, tegen de baldadigheid en verwoestingszucht van school- en straatjongens word beschermd’. De klachtenregen heeft blijkbaar het gewenste effect want de onbeteugelde vernielzucht wordt uiteindelijk aan banden gelegd. Het plantsoen kan verder vormgegeven worden.

  • Rekening van de boomkwekerij Van der Bom uit Oudenbosch voor de voogdij van de Hervormde Kerk te Zierikzee voor de levering van verschillende bomen.

    Een factuur van boomkwekerij Van der Bom uit Oudenbosch voor de levering van bomen in 1864. Zeeuws Archief Zierikzee, Archief Hervormde Gemeente te Zierikzee, Kerkvoogdij, inventarisnummer 50.

  • Detail van de brief.

    Boomkwekerij Van der Bom

    De timmerman Daniel de Winter vervaardigt een afrastering ter bescherming van de verschillende grasperken. In 1852 wordt het plantsoen nog bescheiden aangevuld met vier ‘opgaande’ eiken en een plataan maar dit aantal valt in het niet met wat er in de tien daarop volgende jaren wordt aangeschaft.

    Het toegangshek van de boomkwekerij in Oudenbosch.

    Met de aankoop van honderden esdoorns, acacia’s, essen, elzen, iepen en gleditsia’s wordt het terrein rondom de Nieuwe Kerk omgevormd tot een stadsbos waar een boswachter jaloers op zou zijn. Het leeuwendeel van deze bomen is afkomstig van een boomkwekerij uit Oudenbosch. Deze kwekerij, in 1825 opgericht door Theodorus van der Bom, bestaat nog steeds en draagt sinds 1961 het predicaat ‘Koninklijk’.

    De bomen worden steevast in november afgeleverd en niet zonder reden. Dit is de periode dat bomen geen bladeren dragen, zodat alle energie naar de diktegroei van de stam kan gaan en niet naar de knopontwikkeling of de aanmaak van nieuwe bladeren. De bomen hebben zodoende de rust zichzelf in de grond te nestelen en te groeien. De leveranties bestaan doorgaans uit honderden bomen, maar in 1865 wordt daarnaast een speciaal en uniek exemplaar afgeleverd.

    Keurboom

    De kwekerij stuurt op 18 november 1865 een rekening naar de kerkvoogden voor de leverantie van dertig olmenbomen en tweehonderd koningsesdoorns. Daarnaast wordt voor een bedrag van f1,25 één ‘kastanje keurboom’ geleverd. Met de extra vermelding wordt aangegeven dat de kastanje van hoge kwaliteit is.

    Rekening uit 1865 van de boomkwekerij Theodorus van der Bom voor de leverantie van bomen, waaronder een ‘kastanje keurboom’ à f1,25. Zeeuws Archief Zierikzee, Hervormde Gemeente te Zierikzee, Kerkvoogdij, inv.nr.50.

    De bestelling wordt door de schipper Arie Verdoorn Bastiaanszn in Oudenbosch opgehaald en verscheept naar Zierikzee. Ten noorden van de Nieuwe Kerk is, zoals in 1848 al werd geschreven, ruimte gelaten om ‘een geweldige boom’ te planten. Dit is dan ook de plek waar de kastanjeboom wortel moet gaan schieten. In de jaren die volgen worden steevast bomen aangekocht bij de boomkwekerij in Oudenbosch maar geen kastanjeboom meer. Ook in die tijd is de kastanje uniek in zijn soort tussen alle andere bomen. Een boom die zo nu en dan het nieuws haalt.

    Witte paardenkastanje

    Op de rekening uit 1865 ontbreekt bij de ‘kastanje keurboom’ een specifiekere aanduiding. Het betreft een witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum), een boomsoort die vanaf de 17e eeuw in Nederland wordt aangeplant vanwege de sierwaarde. Het exemplaar in Zierikzee is tegenwoordig ruim 22 meter hoog en heeft een stamomtrek van 4,7 meter. De kastanje wordt gekwalificeerd als een monumentale boom en wordt door de Bomenstichting omschreven als een boom uit ‘de ereklasse’. Niet voor niets staat hij in de top-10 van bijzondere bomen in Zeeland.

    • Rechts naast een monumentale entree met zuilen staat een groene kastanjeboom.

      De paardenkastanje naast de Nieuwe Kerk te Zierikzee anno 2021.

    • De paardenkastanje tegenwoordig.

      De paardenkastanje tegenwoordig.

    • De paardenkastanje tegenwoordig.

      De paardenkastanje tegenwoordig.

    • De paardenkastanje tegenwoordig.

      De paardenkastanje tegenwoordig.

    • De paardenkastanje tegenwoordig.

      De paardenkastanje tegenwoordig.

      De boomkwekers uit Oudenbosch hebben niet overdreven door in de rekening de boom aan te duiden als ‘keurboom’. Al 155 jaar siert de monumentale kastanje het terrein ten noorden van de Nieuwe Kerk waarmee de kwaliteit van de boom buiten elke discussie staat. Een boom waar menig inwoner van Zierikzee herinneringen aan bewaart. Hopelijk blijft de kastanje nog jarenlang het straatbeeld sieren.